Zuid-West Nederland

Samenwerken aan een duurzame visserij in de Voordelta

Het hoofddoel van de visserijbedrijven is om gezamenlijk de pulsvisserij in de kustzone te verbeteren door een visserij te ontwikkelen met minder discards en minder bodemberoering. De bedrijven investeren door te investeren in het geschikt maken van hun schepen voor de pulsvisserij. Daarnaast vindt gezamenlijke innovatie en onderzoek plaats van het vistuig. Het vistuig bestaat uit de visbuizen en sloffen of PulsWing, de pulsmodules en elektrodragers, en het netwerk.

Door samen onderzoek uit te voeren en kennis te delen willen zij komen tot een rendabele kustvisserij, en aantonen dat de pulsvisserij aanzienlijk minder impact op het ecosysteem heeft dan de traditionele boomkorvisserij. Het project is uniek omdat systemen van twee verschillende leveranciers in het project samen werken. Hierdoor kan geleerd worden van elkaars (on)mogelijkheden.

Het project richt zich nadrukkelijk niet op innovatie van het pulssysteem zelf. De innovatieprojecten van de TH10, en de TH7, hebben al aangetoond dat de visnamigheid van de pulsvisserij uitstekend is. De samenwerking binnen dit project richt zich nadrukkelijk op het gezamenlijk verkennen van de mogelijkheden en onmogelijkheden van de pulsvisserij.   

De projecten op de TH7 en TH10 laten zien dat de verschillende vistuigen nog niet uit ontwikkeld zijn en er nog innovatiemogelijkheden liggen. Met name de onzekerheden ten aanzien van de (hoge) exploitatiekosten geven nog reden tot zorg. De eerste ervaringen met de pulsvisserij laten zien dat samenwerking geboden is om de slijtage aan vistuigen, pulsmodules en elektrodragers en het netwerk te verminderen zodat een goede exploitatie mogelijk wordt. De kosten van de vistuigconfiguratie, het testen van de totale vistuigconfiguratie en bijbehorend onderzoek is onderdeel van dit project.

Voor de kustvisserij met het systeem van Delmeco wordt een nieuw vistuig (visbuizen en viskoppen) ontwikkeld van 4,5 meter dat uitbreidbaar is naar 7-8,5 meter. De bedoeling is om met dit nieuwe vistuig de pulsvisserij mogelijk te maken op tong binnen de 12 mijlen (4,5 metertuig), buiten de mijlen (8,5 metertuig) en de visserij op garnalen. De verwachting is dat met deze innovatie een volwaardig nieuw perspectief ontstaat voor de kustvisserij. De investeringen kunnen hierdoor aanzienlijk afnemen.

Daarnaast is nog onduidelijk of de pulsvisserij definitief zal worden toegestaan door de Europese Gemeenschap. In het project zijn ook gegevens verzameld om de positieve effecten zoals minder discards, en minder bodemberoering verder te onderbouwen. 

In de projectfase is het wekveld, vistuig en netwerk continue in gebruik geweest. De slijtage blijft onverminderd groot in de visgebieden waar deze ondernemers actief zijn. Ten aanzien van de slijtage van de wekveld is geprobeerd de slijtage via monitoring in beeld te brengen. Hier is men naar een aantal weken mee gestopt. De levensduur van de strengen was dusdanig kort dat informatie over visgronden e.d. nauwelijks toegevoegde waarde had. Aan een extern bureau is gevraagd van de verschillende bedrijven de defecte modulepotten en strengen te inventariseren en indien mogelijk advies voor verbetering uit te brengen. Rapportage slijtage.

 

In  de tweede helft van 2012 en de eerste helft van 2013 zijn er bij alle schepen diverse wijzigingen uitgevoerd aan zowel het netwerk, de visbuizen en de gebruikte strengen:

* De vistuigen van de schepen met het Delmeco-systeem (ARM33, ARM25, ARM46 en YE138) zijn opnieuw (sterker) ontworpen en geproduceerd. De ervaringen met de versterkte tuigen zijn beter maar vragen nog steeds veel aandacht.

* De TH6 heeft zijn wing vervangen door een traditioneel boomkor en de modules en strengen via een aparte constructie laten aanbrengen. Inmiddels is deze visbuis vervangen door een vistuig van Van Wijk (Visbuis met APG-slofffen) conform het vistuig van de nadere kotters.

Discardonderzoek

In de periode tot en met februari 2013 is door een aantal kotters meegewerkt aan het pulsmonitoringprogramma van IMARES. In dit kader zijn discardgegevens verzameld door middel van self-sampling volgens een protocol van IMARES. De gegevens zijn door IMARES geanalyseerd en gerapporteerd. Rapportage IMARES

Economische analyse

In juni 2013 is het LEI gestart met een economische analyse. Later dan verwacht omdat voor een goede vergelijking 2 volledige jaren gegevens nodig waren. Hiervoor zijn de bedrijfsgegevens door de ondernemers aangeleverd over de jaren 2011 en 2012. In 2011 werd nog met de traditionele vismethode gevist (boomkor met wekkerkettingen). In 2012 is vrijwel het volledige jaar met het pulstuig gevist. Hierdoor is een goede vergelijking mogelijk.LEI-rapportage

Netwerk en strengen

De innovaties/doorontwikkeling van het netwerk en de strengen gaan nog steeds door. De ontwikkelingen worden op basis van de ervaringen van onder andere de betrokken schepen van dit project vooral door de Coöperatie Westvoorn uitgevoerd. Alle ondernemers zijn over gestapt om goedkopere strengen van de Coöperatie Westvoorn dan wel De Gruijter in Vlissingen. De levensduur is vergelijkbaar, maar de strengen zijn een factor 4 goedkoper.

Kennisdelen

Tussen de vissers uit het project en andere pulsvissers bestaat frequent contact over de ervaringen met de systemen en de ervaringen met de leveranciers. In het eerste jaar van het project hebben verschillende bijeenkomsten plaats gevonden met de leveranciers. Deze hebben tot diverse veranderingen geleid. 

Eindrapportage

De formele eindrapportage aan de RVO

 

 

Terug naar het overzicht
Projectleider
R. Martens, Sparc Advies
Hoofdaanvrager
Visserijbedrijf Van Belzen (ARM33)
Betrokken organisaties
Zeevisserijbedrijf C. Caljouw (ARM25) , Zeevisserijbedrijf J. Caljouw (ARM46), Zeevisserijbedrijf A. Sinke (YE138), Zeevisserijbedrijf Johanna Cornelia (TH6)
Startdatum
juni 2011
Contactgegevens
+31 623367975
rmartens@me.com